Over het water lonkt een nieuw leven

De scheepvaartmaatschappij Red Star Line bracht tussen 1873 en 1934 bijna 2 miljoen mensen vanuit Antwerpen over het water naar de Verenigde Staten. Allemaal op zoek naar een nieuw leven, the American dream. Het zijn niet alleen Belgen, maar de emigranten komen vanuit heel Europa, vooral Duitsland en Oost-Europa. Hun redenen zijn divers: de landbouwcrisis, de opkomst van het nazisme…

Hoewel de affiches de overtocht romantiseren, was de reis voor de gewone man allesbehalve een pretje. Want die bestond uit verschillende etappes: de treinreis naar Antwerpen, de medische controles voor het vertrek, de boottocht van zo’n 14 dagen naar New York of Philadelphia, de medische controles ter plekke en tot slot de reis naar de eindbestemming.

De Verenigde Staten wilden niet dat de emigranten besmettelijke ziektes uit Europa zouden meebrengen, dus organiseerden ze voor derdeklassepassagiers strenge medische controles. Wie geen goede gezondheid had en niet in staat was om te werken, werd resoluut teruggestuurd. Op kosten van de Red Star Line. Om die reden voerde de rederij ook in Antwerpen medische en hygiënische controles in. Maar de Amerikaanse artsen waren soms uitermate streng. Het gebeurde dan ook dat gezinnen voor de verscheurende keuze kwamen te staan met z’n allen naar Europa terug te keren of het zieke familielid alleen terug te laten gaan.

Ook de dagen en nachten die derdeklassepassagiers op de schepen van de Red Star Line moesten doorbrengen, waren niet bepaald aangenaam. De reizigers moesten op matrassen van stro in smalle stapelbedden slapen en het was een strijd om genoeg eten te bemachtigen. Treffend is het korte getuigenis van Golda Meir, een Russische emigrante en Israëlische staatsvrouw: ‘Het was geen plezierreisje. We brachten de nachten door in bedden zonder lakens. Het grootste deel van de dag stonden we in de rij te wachten op eten dat werd opgeschept alsof we vee waren.’

Vanaf de jaren 1920 waren er minder emigranten die de oversteek waagden, omdat de Amerikaanse regering immigratiebeperkingen oplegde. De Red Star Line probeerde die terugval te compenseren met het organiseren van luxecruises en reizen voor toeristen, maar dat mocht niet baten. In 1934 gaat de scheepvaartmaatschappij failliet.

In het Red Star Line museum – dat in de oorspronkelijke gebouwen van de rederij is gehuisvest – wordt het verhaal van de emigratie naar Amerika chronologisch verteld. Je stapt als bezoeker mee in het verhaal van de miljoenen landverhuizers die alles achterlieten met de hoop op een beter leven. Je komt meer te weten over emigratie door de eeuwen heen, over het ontstaan van de Red Star Line en over de redenen om een oversteek te plannen, je ondergaat de medische en hygiënische controles voor het vertrek, je gaat aan boord van een van de schepen, je meert aan en wordt geconfronteerd met de realiteit van het leven van een emigrant… Verhalen staan centraal in het museum.

Niet alleen de structuur is opgebouwd rond het verhaal van de landverhuizers, heel veel emigranten vertellen ook zelf hun verhaal. Aan de hand van filmpjes, getuigenissen, brieven, foto’s, documenten, gebruiksvoorwerpen… duik je als bezoeker mee in de dromen van tientallen reizigers. Dat is absoluut een van de sterktes van het museum: het materiaal is ontzettend rijk. Naast het oog voor detail waarmee de tentoonstelling is afgewerkt en de mooie inrichting. Een bezoek is een totaalervaring.

Het is dan ook volledig terecht dat er een beperking van 90 bezoekers per halfuur is ingevoerd. Op drukke momenten is het zelfs dan even aanschuiven bij een van de filmvertoningen of drummen aan de kleine schermpjes met getuigenissen. Reserveren is dan ook een must.

Of er dan niets aan te merken valt op het gloednieuwe museum? Toch wel. Het is jammer dat er weinig aandacht wordt besteed aan de redenen van emigratie. Hoewel de landbouwcrisis en de opkomst van het nazisme in interviews en getuigenissen worden vermeld, wordt er in verhouding te weinig bij stilgestaan. Terwijl je in de eerste zaal wel in vogelvlucht de geschiedenis van migratie van vroeger tot nu voorgeschoteld krijgt. Relevanter was het misschien geweest om de context van Europa aan het einde van de 19e eeuw te schetsen. En dat in drie talen, of op z’n minst twee. Want eerlijk, ik denk dat het museum een kans heeft gemist door de teksten enkel en alleen in het Nederlands te tonen. Je kan uiteraard wel zaalteksten krijgen in het Engels, Frans en Duits, op papier of op je smartphone, maar dan vervalt je museumbezoek al snel in een leessessie. En nog een detail: doorheen de tentoonstelling wordt het woord ‘rederij’ gebruikt. Waarom werd er niet gekozen voor of afgewisseld met het toegankelijkere ‘scheepvaartmaatschappij’?

Maar hoe dan ook: een bezoek aan het Red Star Line Museum is een absolute aanrader. Als je met de trein gaat en aankomt in Antwerpen-Centraal, neemt de Red Star Line app je mee langs de weg die de emigranten tot aan de Rijnkaai aflegden. Een app die ik zelf gemist heb door een gebrek aan reclame, maar bij deze🙂. Je enthousiasme over het museum kan je nadien ook kanaliseren in de shop, met een keuze uit drie gidsen/catalogi, posters van de Red Star Line, juwelen met de kenmerkende rode ster en andere memorabilia. In tegenstelling tot de broodjes (€ 7,50) en stukken taart (wortel- of chocolade, € 5,50) uit het cafetaria zijn die wél redelijk van prijs.

foto(1) foto(2) foto(3) foto(4)

Bezocht op 17/11. http://www.redstarline.be/nl/bezoek

Advertenties

Diamonds are a girl’s best friend

Dat een vrouw niets liever krijgt dan diamanten weet iedereen dankzij de sublieme vertolking van de courtisane Satine door Nicole Kidman in de film “Moulin Rouge” (2001). Maar als we enkele decennia vroeger waren geboren, dan had niet Nicole Kidman zo’n diepe indruk nagelaten met dat nummer, maar wel Marilyn Monroe. Want dankzij haar smachten vrouwen wereldwijd naar diamanten.

Een van de meest oorspronkelijke scènes waarin een vrouw “Diamants are a girl’s best friend” zingt, is in de film “Gentlemen Prefer Blondes” uit 1953. De film van Howard Hawks met Marilyn Monroe in de hoofdrol is een adaptatie van de gelijknamige Broadwaymusical uit 1949. Dááruit komt de schitterende klassieker. Hoewel die adaptatie op haar beurt op een boek van Anita Loos is gebaseerd. Maar het muzikale nummer werd in elk geval voor het eerst in 1949 op de planken gebracht.

En dankzij Marilyn Monroe werd het zo bekend vanaf 1953. Het is dan ook het levensmotto van haar personage Lorelei Lei, een ontzaglijk naïef en op geld belust wicht dat erin geslaagd is een rijkeluiszoon aan de haak te slaan. Tijdens een cruise samen met haar vriendin Dorothy (een al even sublieme Jane Russell) naar Europa ontdekt ze dat ze achtervolgd wordt door een privédetective – ingehuurd door de vader van haar aanstaande. Die heeft niet zoveel vertrouwen in haar beloofde trouw en ziet zijn zoon liever het familiefortuin aan iets anders dan aan diamanten spenderen.

Het verhaal klinkt misschien nogal cliché, maar de film is zo’n zestig jaar na release verre van passé. De humor blijf overeind, en wat voor humor! De volledige filmzaal – ook was het publiek eerder beperkt – lag onder de tafel van het lachen. Meermaals. En de musicalachtige scènes waarin Monroe en Rusell (al dan niet samen) uitbarsten in zang en dans dragen bij tot die humor, maar op een meer subtiele manier, omdat ze hun songs met een ongelooflijke overtuiging en authenticiteit vertolken.

De film is dus niet alleen een aanrader omwille van Monroes (originele) versie van “Diamants are a girl’s best friend”, maar evengoed omwille van Monroes en Russels sublieme interpretatie van twee “nitwits” die toch op best slinkse wijze mannen weten te mis- en verleiden.

Pittig detail: Monroe is absoluut blond in deze films (Het kon ook moeilijk anders: “Gentlemen Prefer Blondes), maar ze was helemaal niet blond van nature! Norma Jeane Mortenson werd geboren met lichtbruin haar. Het was haar agentschap dat haar in 1947 vroeg om haar haar te bleachen omdat er vraag was naar blonde modellen.

Alvast de trailer als voorsmaakje:

Gezien op 3/11 in Kino Arsenal in Berlijn http://www.arsenal-berlin.de/en/arsenal-cinema/current-program.html

Nieuw recordbedrag voor schilderij

In de kunstmarkt is er een nieuw record verbroken. 106 miljoen euro werd er op een veiling bij Christie’s in New York geboden voor het drieluik “Three Studies of Lucian Freud” van de Britse kunstenaar Francis Bacon. Dat is het grootste bedrag dat een werk ooit op een openbare veiling heeft opgebracht. En zo is meteen het vorige record verbroken van 90 miljoen euro dat anderhalf jaar geleden werd geboden voor een versie van “De Schreeuw” van Edvard Munch.

Zulke bedragen lijken compleet van de pot gerukt. Maar er is dus wel altijd (op z’n minst) iemand die er zo’n som voor over heeft. Maar waarom? En kan een schilderij wel zoveel geld waard zijn? Met andere woorden: hoe zijn zo’n recordbedragen te verklaren?

Ik ben op zoek gegaan naar een antwoord op die vragen in mijn eindwerk voor mijn Master Journalistiek aan de Erasmushogeschool in Brussel. De aanleiding was toen (voorjaar 2012) de bekendmaking door het Amerikaanse blad “Vanity Fair” dat de sjeik van Qatar “De Kaartspelers” van Paul Cézanne voor 200 miljoen euro had gekocht. Een absoluut record (een nog hoger bedrag trouwens dan de 106 miljoen euro voor het werk van Bacon), maar wel een record in het kader van een privéverkoop en dus niet op een openbare veiling. Voordat een schilderij voor zo’n bedrag openbaar geveild wordt, zullen we nog enkele jaren geduld moeten hebben, vermoed ik.

Maar in elk geval vind je een antwoord op al deze vragen in de reportage:

Zo moeder, zo dochter

Judy Garland en Liza Minnelli zijn twee wereldbekende sterren en bovendien moeder en dochter. De musical ‘Garland & Minnelli’ focust op hun moeilijke moeder-dochterrelatie, met niet voor niets als ondertitel “moeder, dochter, rivalen”. Hun relatie als moeder en dochter lijkt altijd ondergeschikt te zijn geweest aan hun echte prioriteit: hun eigen carrière als filmster en zangeres.

Judy Garland

Judy Garland (1922 – 1969) werd een wereldwijde ster dankzij haar rol als Dorothy in ‘The Wizard of Oz’ uit 1939. Het lied ‘Somewhere over the rainbow’ is tot op vandaag een klassieker. Mogelijk om die reden kruipt musicalactrice Jelka van Houten in de huid van het personage Dorothy om de rol van Judy Garland vorm te geven. Dat werkt aanvankelijk wel wat verwarrend, omdat de actrice die Garland speelt veel jonger is dan de actrice die Minnelli vertolkt. Maar het klopt wel, zo besef je in de loop van de musical als toeschouwer.

Garland was een kindsterretje, dat voor ze vierentwintig werd al in veertien films had meegespeeld. Maar in de musical staat vooral de vrouw achter de blinkende jongemeisjesglimlach centraal. Garland stierf immers al toen ze zevenenveertig was aan overmatig drugs- en drankgebruik. Enkele sterke quotes illustreren haar lijdensweg: ‘ik heb altijd voor anderen geleefd, nooit mezelf mogen zijn’ en ‘er is niets zo dom als pieken op jonge leeftijd, dan loop je altijd achter de feiten aan’.

Liza Minnelli

Uit Garlands huwelijk (een van de zes) met regisseur Vincente Minnelli werd Liza geboren. Met een regisseur als vader en ster als moeder, die haar naar verschillende optredens meetroonde, kon er misschien niets anders van Liza worden dan de ster (wederom) Liza Minnelli. Bekend van onder andere het sensuele ‘All that jazz’ en ‘New York, New York’ en een van de weinigen ter wereld die een Oscar, Emmy, Grammy én Tony Award wonnen.

Maar Minnelli (hier vertolkt door Janke Dekker) is, net als haar moeder, in deze musical niet in een opgewekte bui. Ze staat aan de vooravond van haar zevenenveertigste verjaardag en dreigt zo ouder te worden dan haar moeder ooit geweest is. (Ook) zij kampt met een alcoholprobleem en probeert tevergeefs een nieuwe plaats op te nemen. En het is op dat moment dat haar moeder als een hallucinatie met haar in gesprek gaat – en vooral – de aandacht overneemt en haar eigen (levens)verhaal vertelt.

Melancholie

“Garland & Minnelli” is geen typische musical. Geen feelgoodstuk, maar het zijn net zware thema’s als verslaving, partnergeweld, ontgoochelingen en frustraties die de revue passeren. Bovendien blijft de musical redelijk ingetogen. Er is geen enkele scène waarin de volledige cast je achteroverzingt, want er zijn maar drie acteurs. Naast Garland en Minnelli is er nog Theo Nijland die alle mannelijke rollen op zich neemt – van platenbaas tot Judy’s echtgenoot 1 tot 6 – en als het ware ‘modereert’ tussen de twee vrouwen. Maar precies door de kleine bezetting heeft de musical iets ingetogen, iets voyeuristisch bijna. Het décor is niet voor niets de woonkamer van Minnnelli, mét de platen van haar moeder en haar eigen prijzen.

Nederlandse saaiheid

Maar tegelijkertijd heeft de musical net dat tikkeltje saaiheid over zich. Mede door de beperkte bezetting en het decor dat tijdens de volledige voorstelling hetzelfde blijft. Afwisseling ontbreekt. Daarnaast is het een echte praatmusical. Geen flauwe dialogen die weinig relevantie bevatten, maar precies heuze volzinnen doorsprekt met biografische informatie over moeder en dochter. Als introductie tot hun levens en werk kan de musical dan ook tellen, maar de vraag blijft of elk biografische detail in een musical moet gestoken worden. Daarbij komt dat er verschillende liedjes naar het Nederlands vertaald zijn. Jammer! Gelukkig blijft ‘All that jazz’ lekker Amerikaans, maar ‘Ergens achter de wolken en de maan’ (in plaats van ‘Somewhere over the rainbow’) spreekt dan weer minder tot de verbeelding.

Aanrader!

Maar ondanks de ietwat saaie uitwerking, heb ik enorm van de musical genoten. Ik heb Judy Garland en Liza Minnelli als personen leren kennen en ben wat meer vertrouwd met hun liedjes. Bovendien zijn Jelka en Janke ontzettend goeie actrices en zangeressen, wat het verhaal versterkte en de songs tot leven bracht. En dat voor 21 euro in eerste rang. Voor het dubbele van de prijs kom je in het Capitole van Gent of de Antwerpse Stadsschouwburg terecht, zonder garantie van evenveel plezier. Die Nederlandse musicals in Vlaanderen, het is de moeite om ze in het oog te houden!

Gezien op 5/11 in de Stadsschouwburg in Leuven. Helaas nog maar één keer in België te zien, op 20 november 2013 in Hasselt. Meer informatie: http://www.ntk.nl/voorstelling/garlandminnelli/

10 om te zien in Berlijn

Vorig weekend ben ik vier dagen naar Berlijn gegaan. Een fan-tas-tische stad als je het mij vraagt! Er is ontzettend veel te beleven op cultureel vlak: musea, monumenten, interessante winkels, film- en theatervoorstellingen… Alvast 10 culturele activiteiten om te zien:

1. Het Filmmuseum geeft een overzicht van het ontstaan van de film tot nu. De focus ligt op de Duitse film (met onder andere “Das Cabinet des Dr Caligari”, “Metropolis”, “Der blaue Engel” en “Olympia”), maar de context wordt ook goed beschreven. Daarnaast is er een vaste tentoonstelling over het ontstaan van de televisie, maar daar staat de Duitse televisie meer centraal en dat is dus iets minder interessant als je een volledig beeld wil. http://www.deutsche-kinemathek.de/de

2. Kino Arsenal is de bioscoop onder het filmmuseum. Er worden films van alle tijden getoond, zowel in het Duits gedubt (geen aanrader;-)), als originele versies. Voor 7,5 euro ga je er goedkoper naar de cinema dan in de populaire bioscopen én krijg je een beter programma voorgeschoteld. Dubbele winst dus. Ik zag er “Gentlemen prefer blondes” uit 1953 met Marilyn Monroe. Een héérlijke film, waarover ik later nog een bericht post. http://www.arsenal-berlin.de/en/arsenal-cinema/cinema-info.html

3. In het DDR-museum vind je als het ware een reconstructie van het alledaagse leven tijdens de DDR. Het musem is zeer ludiek en interactief ingericht, met veel lades en kasten die je kan opendoen en waar je attributen vindt, een typische huiskamer die is nagebouwd, een Trabant waar je een virtuele proefrit in kan maken… Maar je vindt er ook een verhoorkamer waar je op de rooster wordt gelegd en informatie over de afsluiter- en spionagetechnieken tijdens de DDR. Het is niet voor niets al twee keer genomineerd voor de “European Museum of the Year Award”. In het restaurant naast het museum kan je typische gerechten uit de DDR-periode bestellen, tegen democratische prijzen én met je toegangsticket krijg je een korting van 10%. http://www.ddr-museum.de/en

4. Als je Dussman das Kulturkaufhaus met een Belgische winkel zou moeten vergelijken, dan is het Fnac. Maar door zo’n vergelijking doe je Dussman oneer aan. Verdiepingen vol boeken, films, cd’s, platen en gezellige kleinigheden zoals agenda’s, notitieboekjes, kalenders, gadgets… Én het zo goed als volledige aanbod van de uitgeverij Reklam, die budget- en kastvriendelijke (Duitse) klassiekers uitgeeft. Er is een webshop, maar helaas betaal je voor verzending naar België 7,5 euro. http://www.kulturkaufhaus.de/

5. Bij Hekticket vind je kaartjes tegen verlaagde prijzen voor voorstellingen van dezelfde avond. Je moet soms wel even aanschuiven én de verkopers zijn karig met informatie over de voorstellingen waarvoor ze tickets aanbieden. http://www.hekticket.de/hekticket/.bin/index.cgi

6. Als je de koepel van de Reichstag bezoekt, krijg je naast heel wat informatie over de geschiedenis van het Duitse parlement een fantastisch panorama over de stad. Hoewel je het gebouw van 8u ’s morgens tot 23u ’s avonds kan bezoeken, raad ik aan om overdag te gaan. Anders zie je enkel lichtjes (hoewel dat ook wel mooi kan zijn natuurlijk). Een bezoek moet je op voorhand online aanvragen (minstens 4 werkdagen). http://www.bundestag.de/htdocs_e/visits/kupp.html

7. Het Holocaustmonument is op zich al een best aangrijpende ervaring, maar onder het monument vind je ook een tentoonstelling. Een feitelijke beschrijving van de holocaust wordt gecombineerd met heel persoonlijke fragmenten uit brieven van slachtoffers. http://www.stiftung-denkmal.de/en/memorials/the-memorial-to-the-murdered-jews-of-europe.html#c694

8. In het Joods Museum kom je meer te weten over de geschiedenis van het jodendom en bouw je achtergrondkennis op die je helpt – als dat al mogelijk is – om de holocaust beter te begrijpen. Het gebouw, dat ontworpen is door Daniel Libeskind, belichaamt de evolutie van het jodendom door de eeuwen heen. http://www.jmberlin.de/main/EN/homepage-EN.php

9. Vlakbij Checkpoint Charlie is de Koude Oorlog Blackbox. Dat is een tentoonstelling in een tijdelijk hip paviljoen waar de Koude Oorlog centraal staat. Er is ook een minibioscoop waar je twee korte films kan zien over het leven tijdens de Muur die absoluut de moeite zijn. http://www.visitberlin.de/en/spot/black-box

10. Als je op het Museuminsel (of musea-eiland) een museum bezoekt, laat het dan het Pergamonmuseum zijn. Het museum bestaat uit drie delen: antieke kunst, kunst uit het Midden-Oosten en islamitische kunst. Een privérondleiding van nog geen vier minuten vind je hieronder. http://www.smb.museum/smb/standorte/index.php?lang=en&objID=27

Nog geen 1 op 5 Europeanen doet actief aan cultuur

bron: Metro 7/11/2013, p. 8

bron: Metro 7/11/2013, p. 8

In “Metro” van 7 november 2013 stond er een boeiend artikel over het culturele leven van Europeanen. Slechts 18 procent van alle respondenten zegt actief aan cultuur te doen. Dat is erbarmelijk weinig en bovendien 3 procent minder dan in 2007. Europees Commissaris Androulla Vassiliou wil daarom “de toegang tot cultuur vergemakkelijken”, “tot alle soorten cultuur, van popfestivals over cinema tot theater”. En ze wil kinderen vanaf jonge leeftijd vertrouwd maken met cultuur, zodat ze leren “dat je kan genieten van van culturele activiteiten”. Dat kan ik als cultuurliefhebber alleen maar aanmoedigen. In het interview blijft ze echter oppervlakkig over hoe ze dat precies wil aanpakken. Benieuwd hoe ze die plannen in concrete acties zal omzetten.

Ik heb bovendien enkele twijfels bij de resultaten. Uit de resultaten van het culturele leven van de Belgen blijkt dat meer dan 1 op 5 al eens naar de opera of naar het ballet is gegaan. Dat is meer dan het Europese gemiddeld en absoluut gezien ontzettend veel. Ik vraag me dan ook af hoe de EU haar respondenten gekozen heeft.

Het artikel vermeldt ook waarom Europeanen zo weinig aan cultuur doen. We zouden te weinig tijd, interesse, geld en keuzemogelijkheden hebben. Tegen het argument van een gebrek aan tijd heb ik helaas niets in te brengen. Ik heb jammer genoeg nog altijd niet de magische kracht ontwikkeld om een dag langer te maken dan vierentwintig uur. Maar een gebrek aan interesse, geld of keuzemogelijkheden? Als mijn blog een doel heeft dan is het om jou ervan te overtuigen dat er binnen het cultureel aanbod altijd wel iets is dat je kan interesseren, dat cultuur niet duur hoeft te zijn en dat het scala aan culturele activiteiten enorm is.

Ik hoop dat ik erin slaag om jou warm te maken voor cultuur, om je op ideeën te brengen en om je (cultureel) te inspireren. Als dat (nog) niet gelukt is, kan ik alleen maar hopen dat een van mijn volgende blogberichten je niet onberoerd laat. Er komen de volgende dagen in elk geval nog diverse berichten aan, onder andere over een ir”reële” televisieserie, een galante filmklassieker, een toverachtige musical en een soms wat absurd non-fictie boek.

Het hele artikel lees je hier: “Culturele steun anders bekijken”

http://issuu.com/metrotime/docs/metro_nl_20131107/8?e=0