Cultuur is niet duur

Dat cultuur duur is, is een misvatting. Akkoord, een avondje opera 1e rang kost je wel wat (en dat is een understatement), maar er zijn heel wat budgetvriendelijke manieren om toch van cultuur te genieten.

Rommelmarkten: Op rommelmarkten vind je vaak boeken, cd’s, dvd’s… voor heel weinig geld. Onlangs kocht ik voor € 4 “De ontdekking van de hemel” van Harry Mulish, “Het rode korenveld” van Mo Yan én “Het lelietheater” van Lulu Wang. Onderhandelen is de boodschap. Als een boek wat beschadigd is, kan je gemakkelijk afdingen. En als je meerdere stuks koopt, kan je een “groepsprijs” bedingen🙂.

! Het rommelmarktseizoen loopt nu stilaan op z’n einde, hoewel er in de winter heel wat indoor rommelmarkten zijn. Daar betaal je als bezoeker doorgaans meer, omdat de standhouders een stuk meer standgeld betalen dan bij rommelmarkten in openlucht.

Vrijwilligerswerk: Tijdens de zomervakantie heb ik geëxperimenteerd met vrijwilligerswerk op culturele events. In ruil voor een shift krijg je vaak gratis toegang tot het evenement (voor of na je shift), een gratis ticket voor een ander evenement of cultuurcheques. En je beleeft het event vanop de eerste rij. Alleen zijn de taken die je krijgt vaak eentonig: een hele dag flyeren, tickets scannen, controle bij de ingang…

Kortingen: Wie ben je en welke korting verdien je? Studenten zijn niet de enigen die korting krijgen. Ook als -26-jarige, CJP’er (www.bill.be), werkzoekende, mindervalide, +65-jarige, leraar of journalist kan je vaak korting krijgen. Die is niet altijd geafficheerd. Vraag er daarom naar aan de kassa. In sommige musea kan je een keer per maand (bijvoorbeeld de eerste woensdag van de maand) gratis binnen.

Verlanglijstje: Ik houd in mijn notitieboekje dat ik altijd op zak heb een verlanglijstje bij. Als ik een goeie recensie tegenkom van een interessante film, boeiend boek of meeslepende cd, belandt de titel op het lijstje. Zo heb ik altijd inspiratie voor verlanglijstjes bij Kerstmis🙂.

Deals: Als je erop let, bots je in kranten, magazines, online… op heel wat aanbiedingen. Bij kranten kan je vaak dankzij weekendedities of spaaracties voordelig dvd’s of boeken kopen (of soms zelfs gratis krijgen!). In “De Streekkrant” en “De Zondag” bijvoorbeeld vind je elke week bonnen die je korting geven op boeken en dvd’s in Standaard Boekhandel.

Bibliotheek: Het is een klassieker, maar in de openbare bibliotheek leen je voor  maar enkele euro’s lidgeld per jaar gratis boeken uit. Ook cd’s en dvd’s vind je er gemakkelijk terug, hoewel je daar vaak extra voor betaalt (bijvoorbeeld € 0,50 per cd die je uitleent). Ideaal voor romans of films die je toch maar een keer leest of kijkt, vind ik! En uitverkopen van bibliotheken zijn extra in het oog te houden. Oudere boeken gaan dan voor een appel en ei de deur uit.

Woody Allen op z’n best

Van “Blue Jasmine” van Woody Allen ben ik misschien niet zo’n onvoorwaardelijke fan, maar dat heeft “Vicky Cristina Barcelona” (uit 2008) ruimschoots goedgemaakt. Akkoord, “Vicky Cristina Barcelona” staat algemeen bekend als een van Allens (recentere) topfilms, maar eerst zien en dan geloven natuurlijk.

Het is een Woody Allen in al zijn schoonheid: heerlijke dialogen met dat vleugje humor en ironie, acteurs die op een geniale manier diepgang verlenen aan hun personages en een script verguld met een laagje absurditeit. Hoewel de film misschien net een tikkeltje te lang is, entertainen Scarlett Johansson, Rebecca Hall en Javier Bardem je 96 minuten lang. De surrealistische draai die Allen aan het einde van de film aan zijn verhaal geeft, doet zelfs een beetje denken aan de films van Pedro Almodóvar.

Fameuze Fitzgerald

Ik vind het af en toe leuk om boeken te lezen die verfilmd zijn, om na het lezen mijn eigen opgebouwde fantasiewereld te vergelijken met de interpretatie die de filmmakers aan het verhaal geven. Maar dan ook in die volgorde: eerst het boek, dan de film. Bij “The Great Gatsby” van F. Scott Fitzgerald heb ik helaas niet eerst het boek gelezen. En daar heb ik best wel spijt van.

Omdat ik er bij “Life of Pi” niet in was geslaagd om het boek uit te hebben op een moment dat de film nog in de bioscoop speelde, wilde ik bij “The Great Gatsby” op veilig spelen. Eerst de film, dan het boek. De film werd op zo’n manier gepromoot (in de media) dat ik het gevoel had dat ik de film absoluut in een bioscoopzaal moest zien. Maar nu ik én de film heb gezien én het boek uit heb, kom ik maar tot een conclusie. Namelijk dat de film het boek onrecht aandoet.

Het is moeilijk om er precies de vinger op te leggen, maar de nuancering die je als lezer in het boek tussen de regels verstaat, valt in de film volledig weg. En daardoor staat de film (nochtans van Baz Luhrmann (van o.a. Moulin Rouge en Romeo + Juliet) en met Leonardo DiCaprio) bol van de oppervlakkigheid, die bij de kijker een onverschilligheid oproept. Maar het boek is dus best wel de moeite.

Het verhaal is in de ik-persoon geschreven als relaas van een zekere Nick Carraway. Hij wordt de buurman van Jay Gatsby, die – geobsedeerd door een onbeantwoorde jeugdliefde voor Daisy Baker – er een extravagante levensstijl op na houdt om haar aandacht te trekken.

“He smiled understandingly – much more than understandingly. It was one of those rare smiles with a quality of eternal reassurance in it, that you may come across four or five times in life. It faced – or seemed to face – the whole external world for an instant, and then concentrated on you with an irresistible prejudice in your favor. It understood you just so far as you wanted to be understood, believed in you as you would like to believe in yourself, and assured you that it had precisely the impression of you that, at your best, you hoped to convey.” (p. 45 – 46)

Wat mij betreft is dit een van de quotes die de figuur van Jay Gatsby het best karakteriseren. Gatsby is een personage dat zichzelf geschapen heeft en de hang naar het theatrale hangt over het hele verhaal.

“Every one suspects himself of at least one of the cardinal virtues, and this is mine: I am one of the few honest people that I have ever known.” (p. 54)

De persoonlijkheid van Nick staat in schril contrast met zijn buurman Gatsby. Maar naarmate het verhaal vordert, lijkt Gatsby de oprechtheid van zijn buurman te corrumperen.

“‘I’m glad it’s a girl. And I hope she’ll be a fool – that’s the best thing a girl can be in this world, a beautiful little fool.” (p. 23)

Dit is een uitspraak van Daisy na de geboorte van haar dochter en verklapt op een bepaalde manier zowel iets over de tijdgeest als over het personage van Daisy. Een personage dat ongetwijfeld gebaseerd is op de vrouw van Fitzgerald (Zelda), die schizofreen was.

Het boek is geen must-read, maar als je twijfelt tussen óf de film zien óf het boek lezen, dan is wat mij betreft de keuze snel gemaakt. We doen Fitzgerald oneer aan als we onze kennis van zijn werk (alleen) op de film van Luhrmann zouden baseren.

Spannende kitch

“Golden Eye” is een James Bond-film uit 1995, waarin Pierce Brosnan voor het eerst de rol van de stoere spion vertolkt. De film is fijne vrijdagavondontspanning, maar “Golden Eye” kan niet (meer) tippen aan de Bond-films die nadien zijn gemaakt. De special effects doen soms wat humoristisch aan, omdat ze niet te vergelijken zijn met (de kwaliteit van) de computermogelijkheden van vandaag. Ook de plot is eigenlijk heel simpel: Bond moet strijden tegen een Rus die Londen wil vernietigen. Geen ingewikkelde intriges of web van door elkaar lopende verhaallijnen dus zoals bijvoorbeeld in “Quantum of Solace”. En de romantiek is heel jaren ’90: niet bepaald subtiel en erg cliché.

Wat wel opvallend is, is dat de Bondgirl van dienst (Izabella Scorupco) een veel grotere (en meer inhoudelijke) rol heeft dan in de latere Bondfilms. Hoewel haar personage voor de rest wel redelijk seksistisch benaderd wordt. Uiteraard:-). Het is de moeite om de blik in haar ogen in de gaten te houden als ze naar James kijkt.

Geen topper, maar Brosnans eerste Bondvertolking en een niet-te-vergeten schakel in het volledige Bond-verhaal. En best wel spannend bovendien!

* Fijn weetje: aan de zijde van de slechterik staat de anti-Bondgirl Xenia Onatopp, een rol die vertolkt wordt door Famke Janssen, een Nederlandse actrice!

Cate Blanchett schittert

Blue Jasmine” is de nieuwste Woody Allen. En dat zouden we geweten hebben. In verschillende media werd hij geëvalueerd als een nieuwe Allen-topper, een echte aanrader. Misschien waren precies door die al te positieve kritieken mijn verwachtingen te hoog, maar ik stapte in elk geval wat ontgoocheld uit de cinemazaal.

De plot is duidelijk: Jasmine (Cate Blanchett) had it all. Een man, een zoon en vooral een grenzeloze rijkdom. Tot het moment dat uitkomt dat haar echtgenoot (Alec Baldwin) op grote schaal heeft gefraudeerd. Hij belandt in de gevangenis en zij blijft achter met niks. Wel, een set Louis Vuitton-reistassen en enkele peperdure outfits. Ze is gedwongen om New York te verlaten en bij haar zus (Sally Hawkins) en diens twee zonen in een bescheiden appartement in San Francisco in te trekken.

Een van de hoofdthema’s van de film is dan ook het contrast tussen arm en rijk. Jasmine (die vroeger Jeannette heette, maar haar naam veranderde omdat ze hem te banaal vond) kijkt enorm neer op haar zus en haar keuze van eenvoudige mannen. Maar voor de toeschouwer wordt het al gauw duidelijk dat Allen de kant van de eenvoudige levensstijl kiest. Een bepaalde scène aan het einde van de film vat die thematiek prachtig samen. Jasmine verwijt haar zus Ginger een gebrek aan eigenwaarde, omdat ze mannen kiest die niets voorstellen. Jasmines vooroordelen staan echter in schril contrast met wat er zich net voordien heeft afgespeeld: Ginger en haar vriend Chili die ruziën over het laatste stuk pizza. De eenvoud van die banale discussie en de gezelligheid die ervan afstraalt bewijzen Jasmines ongelijk.

Jasmines “sociale” val gaat tegelijkertijd gepaard met een val op psychologisch vlak. Ze verliest haar materiële houvast. Ze is zichzelf (en haar waarden) immers kwijtgeraakt in de wereld van glitter en glamour waar ze al die jaren (zonder scrupules) in heeft vertoefd. Nu betaalt ze de prijs. Ze wordt steeds labieler en stort in.

De film wordt gedragen door Cate Blanchett. Alleen omwille van haar glansrol is het de moeite om de film te zien. Maar precies omdat het verhaal niet meer omhelst dan haar psychologische toestand – hoe goed Blanchetts vertolking ook is – bleef ik een beetje op mijn honger zitten. Bovendien stap je de bioscoop buiten met een heel wrang gevoel. Het einde biedt geen soelaas, maar laat je achter met een invraagstelling van je eigen hang naar materialisme – en zo van je eigen waarden en normen. Er is geen uitweg meer voor Jasmine en Allen doet je zoeken naar de jouwe. Terecht, maar je avondje uit eindigt wel in mineur:-).